“De thuiszorg is een luxe vorm van verplegen”

TeamTelefoon ging langs bij Gerda Geurink, werkzaam als verpleegkundige in een wijkteam bij Buurtzorg in Apeldoorn. We spraken af op het wijkkantoor in Apeldoorn Zuid. We vroegen haar wat de thuiszorg volgens haar zo bijzonder maakt en wat de voornaamste verschillen zijn met de ziekenhuiszorg. 

Hoe was uw dag vandaag?

“Ja goed hoor. Ik ben langs zes cliënten geweest vanochtend. Gemiddeld heb je zo’n zes à zeven cliënten per zorgdienst. En ik kreeg net een bakje eten mee van een cliënt. Zij maakt dan een beetje extra voor mij omdat zij weet dat ik dat lekker vind. Dat vind ik hele bijzondere dingen. Je komt zo vaak bij cliënten, je bent geen familie maar je bent wel heel nauw betrokken. De cliënten weten bijvoorbeeld dat ik op vakantie ben geweest en vragen dan hoe het was. Je weet veel van elkaar. Er was eens een mevrouw die zei: ik weet meer van jullie, dan jullie van elkaar. En daar heeft ze wel gelijk in.”

Hoelang werkt u al in de zorg? 

“Ik zit al 37 jaar in de zorg. Ik heb best veel gedaan: ik heb tien jaar in de psychiatrie gewerkt, negen jaar in de verloskunde, ik heb in het ziekenhuis gewerkt en ik zit nu sinds 2009 bij Buurtzorg” 

Waarom hebt u nu voor de thuiszorg gekozen?

“Ik vind de thuiszorg een soort vorm van luxe verplegen. Je hebt één op één contact met de cliënten. Wij kunnen zelf grotendeels bepalen wat je bij een cliënt doet en hoelang je daar de tijd voor neemt.”

Wat zijn de verschillen met het ziekenhuis, waar u eerst werkte?

“Dat zijn er heel veel. Ik heb de afgelopen jaren de HBO-V in het ziekenhuis en 10 jaar geleden werkte ik daar ook. Het verschil tussen toen en nu is enorm. In het ziekenhuis besteed je nu maar 20 of 30 procent aan contact met de cliënten. De rest van de tijd ben je bezig met andere dingen: zorggerelateerd administratiewerk, overleg en bijscholing bijvoorbeeld. Dat komt ook omdat er veel aan certificering gedaan moet worden. Het ‘presteren volgens lijstjes’ is helemaal doorgeschoten, naar mijn mening. Gelukkig komt men daar nu een beetje van terug en wordt die administratie minder.”

“Daarnaast is het in de thuiszorg belangrijker wie je bent. Je brengt meer van jezelf mee, omdat je alleen komt en het contact een-op-een is. Het is belangrijk dat de cliënt zich gehoord voelt en dat je zoveel mogelijk probeert om bij een cliënt de zelfredzaamheid te bevorderen. Sommige cliënten gaan weer uit de zorg, anderen blijven in de zorg: de autonomie blijft belangrijk voor elke cliënt.”

Wat zijn de uitdagingen in de thuiszorg, ten opzichte van het ziekenhuis?

“Het alleen werken. Je komt wel eens in situaties waarin je snel moet handelen. Je bent dan niet in de gelegenheid om te overleggen met collega’s. Dat proberen we wel door soms even met iemand te bellen, maar dat kan niet altijd. Je moet heel veel, snelle beslissingen nemen en dat is wel uniek aan werken in de thuiszorg. In een ziekenhuis zijn er altijd artsen, assistenten en andere collega’s waarmee je even kan overleggen. In de thuiszorg heb je dat niet. Je moet ook wel eens improviseren: als er bijvoorbeeld een cliënt thuis is gevallen maar je hebt geen materialen bij je voor wondzorg. Ik heb daarom ook altijd wat materiaal in mijn tas zodat ik snel kan handelen. Ik vind dat improviseren erg leuk, daardoor blijft het werk uitdagend.”