Skip to main content

Uit de voorjaarsnota blijkt dat het kabinet geen geld steekt in gezondheid, terwijl er wel geld beschikbaar is bij het ministerie van VWS. Ziekenhuizen, umc’s en beroepsverenigingen slaan alarm: er wordt niet geïnvesteerd in de basisvoorwaarden voor goede en toekomstbestendige zorg.

Rekening voor later

“Gezondheid is ons grootste goed, maar niet voor dit kabinet,” zegt Helen Mertens, voorzitter van de Nederlandse Federatie van Universitair Medische Centra (NFU). Hoewel het ministerie van VWS 1,2 miljard euro aan financiële meevallers te verwerken krijgt, wordt dat geld nauwelijks ingezet voor verbetering van de zorg. Er is geen ruimte gemaakt voor investeringen in preventie, pandemische paraatheid, het opleiden van nieuwe zorgprofessionals of het aanpakken van gezondheidsverschillen.

Volgens de NFU betekent dit dat problemen worden doorgeschoven. “Door nu niet te investeren, betalen we op termijn de rekening in de vorm van minder welzijn, hogere zorgkosten en een lagere arbeidsproductiviteit.”

Gemiste kans voor de wijkverpleging

Een opvallend voorbeeld van het uitblijven van investeringen is te vinden in de wijkverpleging. Het lijkt erop dat een eerdere korting op de scholing van verpleegkundigen in ziekenhuizen nu wordt gecorrigeerd met geld dat oorspronkelijk overbleef in de wijkverpleging. Deze correctie was al aangekondigd, maar het blijft wrang dat het overschot niet wordt benut om juist de wijkverpleging te versterken, een sector waar het personeelstekort structureel en nijpend is.

“Goed dat het geld in de zorg blijft, maar het is teleurstellend dat het niet naar de wijkverpleging gaat,” zegt V&VN-voorzitter Bianca Buurman. “Willen we dat mensen langer thuis wonen, dan moeten we investeren in zorgverleners.” “Al jaren blijft geld voor wijkverpleging liggen, omdat er te weinig zorgverleners zijn.

Onderwijs en paraatheid onder druk

In de voorjaarsnota staat nauwelijk iets over het versterken van het zorgonderwijs, terwijl de druk op de arbeidsmarkt in de zorg ongekend hoog is. Zonder investeringen in opleidingen en wetenschappelijk onderzoek dreigen Nederland achter te raken. De pandemie heeft bovendien laten zien hoe belangrijk het is om paraat te zijn voor toekomstige gezondheidscrisissen. Toch wordt ook pandemische paraatheid niet genoemd in de voorjaarsnota, terwijl eerder onderzoek heeft aangetoond dat Nederland hier onvoldoende op is voorbereid.

Hogere kosten voor burgers, geen structurele investeringen

Opvallend is dat juist de burger meer gaat betalen. De zorgpremies stijgen, eigen bijdragen nemen toe en ook via belastingen wordt gezondheid duurder. Dat komt bijvoorbeeld door het verder afbouwen van de zorgtoeslag. Tegelijkertijd blijven investeringen in de publieke gezondheid uit. Er wordt niet geïnvesteerd in preventie, in het versterken van de eerste lijn of in een gezonde leefomgeving. Juist die keuzes zijn nodig om zorg betaalbaar en toegankelijk te houden voor iedereen.

Gezondheid verdient politieke moed

De boodschap van de zorgsector is unaniem: dit kabinet kiest niet voor de gezondheid van de burger. De urgentie is hoog, de problemen zijn bekend, maar politieke keuzes blijven uit. In plaats van koersvast te investeren in preventie, onderwijs en toekomstbestendige zorg, kiezen beleidsmakers voor geschipper. De zorg vraagt niet om incidentele meevallers, maar om structurele visie en politieke moed.

Wil je op de hoogte blijven van ontwikkelingen in de zorg? Schrijf je dan in voor onze nieuwsbrief.